Interview met Stefan Brijs

Genkse auteur Stefan Brijs kijkt uit naar Zin in Zomer en naar zijn nieuwe boek

“Al mijn zielen komen aan bod op Zin in Zomer”

Stiekem hoop je dat een Skype-gesprek met Stefan Brijs, Genks auteur maar al vijf jaar thuis in Andalusië, spectaculaire beelden op je tablet zal toveren. De schrijver tussen de olijfbomen, in de verte de skyline van de Sierra Nevada, de zon die voor de gelegenheid met wifi-stralen het beeldscherm tot in zijn geboortestad overbelicht - zoiets. Als het beeld aanfloept, blijkt hij voor het interview klaar te zitten in zijn allernatuurlijkste habitat: een bureau, met als rugdekking een imposante boekenkast. Stefan Brijs is enthousiast . Over Zin in Zomer op 18 augustus, waar hij de centrale gast is. Over zijn nieuwe boek, Zonder liefde, dat in september verschijnt, en waarvoor hij ook weer naar Genk komt. En over het leven tout court, in Spanje, op de drempel van zijn 50ste verjaardag. “Ik heb een oude ziel. Stilaan benader ik de mentale leeftijd die ik al heel lang ervaar.”

-Hoe gaat het met een schrijver die net een nieuw boek klaar heeft?

“Mijn gevoel is helemaal anders dan bij mijn vorige boeken. Ik ben al klaar sinds januari, het boek verschijnt pas in september. Het is voor het eerst dat er zo’n lange periode tussen zit. Ik ben dus al een paar maanden heel ongeduldig. Anderzijds is er wel wat meer rust. Het is prettig om wat meer tijd te hebben voor de drukproef en om de promotie voor te bereiden, dat verloopt doorgaans veel hectischer.” 

-Hoe Andalusisch voel jij je na 5 jaar?

“Andalusië doet me wel wat aan Limburg denken: de warmte, de hartelijkheid, de hulpvaardigheid. Ik sprak geen woord Spaans toen ik aankwam, maar ik heb de taal vrij snel geleerd. Dat werpt snel vruchten af. Je legt makkelijker contacten, en dat maakt dat ik me snel thuis voelde.”

-Volg je nog op de voet wat er in je thuisland gebeurt – bijvoorbeeld aan de recente verkiezingen?

“Ik kijk bewust niet meer naar het journaal op de Belgische televisiezenders, daar heb ik nog maar weinig zin in. Ik lees wel nog Vlaamse en Nederlandse kranten. Laat me zeggen dat ik me, door hier te wonen, minder erger dan vroeger. In Vlaanderen zou ik door de opwinding waarschijnlijk alweer in de pen zijn gekropen. Hier besteed ik die tijd liever aan een nieuwe roman. De lokale Spaanse politiek volg ik wel. In Andalusië heeft extreem-rechts bij de laatste verkiezingen voor het eerst zetels gewonnen. Dat frustreert me wel, al blijf ik hier veel rustiger.”

-Hoe hecht is je band met Genk nog?

“Ik kies er bewust voor om zo veel mogelijk in Andalusië te blijven, om te kunnen schrijven. Dat lukt ook aardig. In de afgelopen 5 jaar heb ik met Maan en zon, Andalusisch logboek en nu Zonder liefde al drie boeken geschreven. Dat zou me vroeger nooit gelukt zijn. Als ik toch naar België kom, dan passeer ik altijd in Genk. Mijn ouders en een van mijn broers wonen er. Onlangs was ik nog uitgenodigd bij de leerlingen Kunst en Vormgeving in het Atlas College. De band is er dus zeker nog . De auteursfoto voor mijn nieuwe roman ‘Zonder liefde’ hebben we in de Maten gemaakt, het natuurgebied vlakbij mijn vroegere huis. Dat doet me nog altijd wat. Ik wortel nog altijd in die zandgrond.”

-Je toonde je vroeger altijd wel een kritische Genkenaar, onder meer over de teloorgang van Villa Keetje Tippel. Ben je vandaag milder?

(glimlacht) Grappig dat je dat vraagt. Het einde van mijn boek Maan en zon is behoorlijk gruwelijk. Ik heb zelfs zitten dubben over een ander einde, tot mijn uitgever zei: ‘Je wordt veel te mild, Stefan.’ Ik denk het dus wel, al ben ik vooral rustiger geworden. Ik geniet meer van het leven, elke dag. Dat zie je in mijn schrijverschap, denk ik. In Andalusisch logboek, toch luchtiger, maar ook in Zonder liefde, met een heel ander thema. In Spanje heb ik de vrijheid en het lef gevonden om het zo te doen.”

-Op 18 augustus kom je nog eens naar Genk voor het literair festival Zin in Zomer. Hoe voelt het om daar de centrale gast te zijn?

“Ik was sowieso al vereerd, maar toen ik het programma zag was ik helemaal overdonderd. Al mijn interesses, al mijn ‘zielen’ zelfs, komen daarin aan bod: Andalusië, de natuur en de vogels, poëzie, kunst en literatuur, ook op kindermaat, … Ik ben al aan het aftellen!”

-Het decor van de Genkse editie van Zin in Zomer is Thor-park in Waterschei. Ken je die plek goed?

“Ook daarover was ik verwonderd. Mijn laatste bezoek dateert alweer van vijf jaar gelden, toen het standbeeld van de mijnwerker daar werd ingehuldigd. Het gebouw was bij manier van spreken nog een ruïne. Ik ben nu nog eens naar de website gesurft, en het is ronduit fantastisch wat daar intussen gebeurd is. C-mine vond ik al indrukwekkend, maar ook in Waterschei en straks in Zwartberg met La Biomista slagen ze erin om geschiedenis en cultuur te verweven. Daar maak ik een diepe buiging voor.” 

-Naast literatuur en ontspanning komt ook de natuur aan bod op Zin in Zomer. Mis jij in de buurt van Malaga de terrils of de heide?

“Ach, als je de Andalusische bergen hier ziet, stelt een terril niet meer zoveel voor. De bloeiende heide in augustus, daar kan ik wel enorm naar verlangen. Letterlijk honderden wandelingen heb ik er gemaakt, altijd weer adembenemend. Ik mis ook het roepen van de roerdomp, een spookachtig geluid dat ik alleen in de Maten hoor. Hier moet ik heel ver rijden om een vijver tegen te komen. De plaatsen die ik het best ken, zijn Boxberg en Winterslag. In Waterschei kwam ik vroeger alleen voor het voetbal, als vurig Thor-supporter. Ik ben dus heel nieuwsgierig naar de wandeling in de namiddag. Wat mij betreft mocht die al om 7 uur in de ochtend beginnen, dan is de natuur op haar mooist. Dat ga ik de bezoekers toch maar niet aandoen. (lacht)

-In dat landschap speelt actrice Layla Önlen een interpretatie van De Steen, een verhaal uit VertelGenkVertel, het boek dat je samen met Koenraad Tinel schreef. Lijkt me altijd spannend, zo’n interpretatie van jouw verbeelding.

“Het Is vooral een aangename verrassing. Ik wist er niets van, tot ik het programma onder ogen kreeg. Ik bewaar heel fijne herinneringen aan VertelGenkVertel, omdat het een warme samenwerking was met leerlingen Literair schrijven van de academie en met de Genkenaren die hun verhaal wilden vertellen. Dat een theatermaakster daarmee aan de slag gaat, is fantastisch. Ik heb het één keer eerder meegemaakt. Mijn boek ‘Arend’ is ook bewerkt tot een theaterstuk. Je eigen personages tot leven zien komen, da’s heel bijzonder. Elke lezer ziet andere dingen in een verhaal. Die ervaring had ik ook met de leerlingen Kunst van het Atlas College. Jonge mensen die geïnspireerd zijn door je werk en daar grootse dingen mee doen, dat raakt me.”

-Even vooruitkijken naar 20 september, wanneer je je nieuwe roman ‘Zonder liefde’ voorstelt, ook weer in Genk. Dan moet je weer het podium op. Treed je als schrijver graag voor het voetlicht?

“Ik zit het liefst achter mijn schrijftafel, maar als het dan toch moet, kruip ik liever op het podium dan in de zaal. Ik wil toch graag delen wat ik maak. Als je een boek schrijft, wil je daar ook belangstelling voor. En er is de onderwijzer in mij: ik heb al honderden lezingen gegeven. Dat gaat ten koste van het schrijverschap, maar het blijft fijn om met mijn publiek te kunnen spreken.”

-Blijf je met al je ervaring nerveus voor de reacties van lezers op een nieuw boek?

“Het is altijd een beetje bang afwachten. Een van de voordelen van het lange wachten op de uitgave is dat al wat meer mensen dan gewoonlijk vooraf mijn manuscript hebben gelezen. Hun reacties stellen mij gerust.”

-In december volgt nog een bijzonder feest, je wordt dan 50. Maak je een balans op van wat er al geweest is?

“Die verjaardag komt hier vaak ter sprake, maar ik voel me beter dan ooit. Ik heb zoveel inspiratie: momenteel werk ik aan een natuurdagboek, en ik sta te popelen om in januari aan een nieuwe roman te beginnen. Door hard te werken en af en toe ook koppig te zijn, ben ik behoorlijk content met waar ik nu sta. Ik woon nu 5 jaar in Andalusië, en ik heb in die periode zoveel bijgeleerd – kennis vergaard, boeken gelezen en geschreven, een taal geleerd. Ik zeg wel eens dat ik met een oude ziel geboren ben. Op mijn 50ste kom ik dus veel dichter bij de mentale leeftijd die ik altijd al heb ervaren, en dat is een goed gevoel.”

© Jan Colla

 

Over ‘Zonder liefde’

‘Onze harten zijn zwerfhonden die nooit een thuis zullen vinden.’

Vanaf 17 september ligt de nieuwe roman van Stefan Brijs in de boekhandels. 'Zonder liefde' wordt uitgegeven bij Uitgeverij Atlas Contact.

Paul en Ava, allebei eind twintig, ontmoeten elkaar op een precair moment in hun leven. Paul is nog van slag door zijn onverwachte scheiding, Ava heeft – in haar voortdurende verlangen naar passie – voor de zoveelste keer en nu voorgoed haar vriend verlaten. Ze vinden steun bij elkaar, een noodalliantie die uitgroeit tot een hechte vriendschap, waarbij ze elkaar helpen in hun wanhopige zoektocht naar wat liefde zou moeten zijn. Paul volgt de weg van contactadvertenties, Ava laat zich leiden door haar gevoelens. Uit eindelijk komen ze tot dezelfde conclusie: liefde is niet maakbaar. Maar wat met vriendschap?